VEENENDAAL - Er is een spanningsveld tussen minder vergoedingen die het gemeentebestuur haar inwoners wil geven en het 'ruimhartige minimabeleid' dat ze zegt na te streven.
Het college besloot om de concept Verordening Kindpakket en de concept verordening tot wijziging van de Verordening Individuele Inkomenstoeslag voor te leggen aan de overlegtafels Sociaal Domein. Deze verordeningen zijn een uitwerking van het beoogde nieuwe beleid, opgenomen in het Integraal Beleidskader Sociaal Domein.Dit beleidskader geeft de uitgangspunten in het sociaal domein weer voor de periode van 2020 tot en met 2023.
Beleidskader
Op 3 september besloot het college om het concept Integraal Beleidskader Sociaal Domein (IBK-SD) ter consultatie voor te leggen aan de adviesraden en samenwerkingsverbanden passend onderwijs. Het belangrijkste uitgangspunt van het IBK-SD is dat Veenendaal een gemeente is waarin iedereen naar vermogen meedoet en deelneemt aan de samenleving. Daarbij is het vergroten van de zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid van de inwoners door passende ondersteuning te bieden, een belangrijk uitgangspunt. Het IBK-SD beslaat de domeinen Wmo, Jeugd, Participatiewet en schuldhulpverlening. De integrale benadering zorgt voor meer samenhang en - waar mogelijk en wenselijk - meer uniformiteit in de manier van werken tussen de domeinen.
Minimaregelingen
Het IBK-SD is het overkoepelende beleid voor alle domeinen binnen het sociale werkveld. Dit beoogde beleid heeft direct effect op de uitvoering van de regelgeving en dus ook de invulling van de vergoedingen die opgenomen zijn in verordeningen. In het licht van het nieuwe beleidskader en de conclusies uit de evaluatie van het huidige minimabeleid, zijn nieuwe minimaregelingen opgesteld.
Doelen
Deconcept Verordening Kindpakket en de concept Verordening tot wijziging van de Verordening Individuele Inkomenstoeslag dragen bij aan het bereiken van de beoogde resultaten in het IBK-SD via een vijftal doelen. Het vergroten van de kansen om de spiraal van armoede te doorbreken. Het bevorderen van sport en andere vormen van maatschappelijke participatie. Het voorkomen van sociale uitsluiting. Het bevorderen dat schoolgaande kinderen zo min mogelijk belemmeringen ondervinden als gevolg van het feit dat hun ouders tot de minima behoren. En het tegengaan van onderverzekering op het gebied van ziektekostenbetrekking.
Wijzigingen
Vanuit de bezuinigingstaakstelling (Begroting 2019 en Kadernota 2020) zijn enkele regelingen vanuit Wmo komen te vervallen, zoals de verzekering eigen risico in pakket 3 van de collectieve ziektekostenverzekering en de regeling meerkosten chronisch zieken. Daar staat tegenover dat cliënten die gebruik maken van Wmo-voorzieningen, waaronder ook de schoonmaakondersteuning, vanaf 1 januari 2020 per maand een maximaal bedrag van € 19,- betalen. Dat is goed nieuws voor cliënten die gebruik maken van meerdere Wmo-voorzieningen, want zij betalen, in tegenstelling tot de huidige regeling, met deze nieuwe regel nooit meer dan het maximale bedrag. Mensen met GarantVerzorgd 3 van de collectieve ziektekostenverzekering van Menziskunnen deze eigen bijdrage vergoed krijgen.
De maximale vergoedingen voor de overige minimaregelingen zijn op onderdelen iets lager geworden. Een van de redenen hiervoor is dat het aantal inwoners die gebruik maken van deze regelingen groter is geworden en het beschikbare geldover een grotere groep mensen verdeeld moet worden.
Evenredigere verdeling
Met de nieuwe verordeningen zijn de regelingen evenrediger verdeeld onder de grootste doelgroepen. De grootste doelgroepen onder de minima zijn gezinnen met jonge kinderen en alleenstaanden. In het oude minimabeleid ging verhoudingsgewijs veel geld naar de gezinnen in vergelijking tot de groep alleenstaanden. Door de oude Geld-Terug-Regeling te splitsen in een regeling voor sport en een regeling voor maatschappelijke participatie, beogen we dat volwassenen die weinig geld te besteden hebben toch kunnen sporten en maatschappelijk actief blijven. Daarnaast zijn enkele regelingen samengevoegd tot één regeling. Op deze manier kan bijvoorbeeld een ouder zelf kiezen waaraan ze het budget voor schoolkosten besteed,waar wij dat eerder als gemeente collectief bepaalde.
Daarnaast worden alle regelingen beschikbaar voor inwoners met een inkomen tot en met 120% van de bijstandsnorm. Voor enkele regelingen is dit een verruiming van de doelgroep, zoals de vergoedingen voor sport, maatschappelijke participatie, ID-kaart, het kledingpakket en de mobiele telefoon. Voor andere blijft deze gelijk, zoals de regelingen voor de middelbare schoolkosten.
Maatwerkbudget
Daar waar inwoners aantoonbaar in de problemen komen door het wegvallen van vergoedingen kan een maatwerkbudget worden ingezet. De gemeentelijke professionals, zoals klantmanagers, Wmo-consulenten, medewerkers schuldhulpverlening en CJG medewerkers,kunnen dit budget inzetten voor vergoedingen voor inwoners die zonder deze vergoeding in te problemen raken of juist om (financiële) problemen duurzaam op te lossen.
Ruimhartig beleid
Ondanks de noodzakelijke bezuinigingsmaatregelen heeft Veenendaal een ruimhartig minimabeleid. Wethouder Marco Verloop: “Wij zijn ons ervan bewust dat deze noodzakelijke financiële maatregelen gevolgen hebben voor de hoogtes van de vergoedingen. En dat er inwoners zijn die hiervan de financiële gevolgen zullen merken. Toch hebben we in Veenendaal nog steeds een ruimhartig minimabeleid.Ik denk daarbij aan de regelingen voor schoolgaande kinderen. En dat draagt dan weer bij aan een van de doelen die we onszelf gesteld hebben in het Integraal Beleidskader.”
De verordeningen worden ter advies voorgelegd aan de overlegtafels sociaal domein. In januari 2020 worden deze verordeningen ter vaststelling aan de gemeenteraad aangeboden.