VEENENDAAL - De plannen voor het nieuwe theater voor de huidige Lampegiet zijn de afgelopen
maanden verder uitgewerkt. Daardoor is nu beter in beeld wat nodig is om het
theater te bouwen en straks goed te laten functioneren. Bij de verdere
uitwerking blijkt dat er keuzes nodig zijn om de culturele ambities, de kosten
voor de bouw van het theater en de jaarlijkse kosten met elkaar in balans te
brengen. De geambieerde nieuwbouw kost meer geld, of de beoogde inrichting wordt versoberd!
De gemeenteraad stelde eerder 47,8 miljoen euro beschikbaar
voor de bouw van het nieuwe theater. Het uitgangspunt is een theater met meer
activiteiten en ruimere openingstijden dan nu. Na het besluit van de
gemeenteraad in januari 2026 is het schetsplan verder uitgewerkt tot een
voorlopig ontwerp. Daarbij is steeds gekeken hoe het ontwerp slimmer en
goedkoper kan. Het beschikbare budget van 47,8 miljoen euro was daarbij het
uitgangspunt.
Hoe verder een ontwerp wordt uitgewerkt, hoe duidelijker
wordt wat er precies nodig is en wat dit kost. Bij de uitwerking van het nieuwe
theater zijn inzichten ontstaan die mogelijk gevolgen hebben voor zowel de
kosten van de bouw als de kosten om het theater straks te laten draaien. Als de oorspronkelijke ambities volledig in stand blijven,
is op basis van de huidige inzichten extra geld nodig voor de bouw en de jaarlijkse
kosten. Door andere keuzes te maken in het gebouw en de programmering, kunnen
de kosten worden verlaagd. Deze keuzes hebben wel gevolgen voor wat er straks
in het theater mogelijk is.
Drie mogelijke denkrichtingen
Het college ziet op dit moment drie mogelijke denkrichtingen:
1. De
oorspronkelijke ambities behouden
Het theater krijgt de mogelijkheden zoals eerder bedacht. Hiervoor is
aanvullend budget nodig voor de bouw (5 tot 7 miljoen euro) en zijn de
jaarlijkse kosten hoger (tot € 600.000 euro).
2. Minder
mogelijkheden in de kleine zaal
Er komt een kleinere multifunctionele
zaal. Daarbij wordt uitgegaan van minder extra personeel. Daardoor zijn
bepaalde soorten voorstellingen niet of minder vaak mogelijk. Dit verlaagt de jaarlijkse
kosten.
3. Meer
aansluiten bij het huidige aanbod
Het theater krijgt één zaal minder.
Theater blijft mogelijk, maar er is minder ruimte voor verschillende soorten
voorstellingen en activiteiten. Daardoor is ook minder extra personeel nodig.
In alle drie de richtingen blijft de grote zaal met ongeveer 700 stoelen
het uitgangspunt. Een orkestbak kan als extra mogelijkheid worden meegenomen.
Raad besluit over vervolg
De drie denkrichtingen zijn nog geen uitgewerkte
voorstellen. De gemeente werkt de komende periode verder aan de best haalbare varianten.
Daarbij wordt duidelijk wat dit betekent voor het aanbod in het theater, de
investering en de jaarlijkse kosten. Ook worden de voor- en nadelen en de
gevolgen voor de planning en aanbesteding in beeld gebracht. Zo kan de
gemeenteraad een afweging maken tussen wat we met het theater willen, wat
daarvoor nodig is en wat het mag kosten. Naar verwachting neemt de gemeenteraad in december een
besluit over het vervolg.
illustratie: artist impression van de nieuwbouw.